
Gelukkig zijn, dat kies je zelf.
Soms zijn er dagen waarop de wereld in mijn stemloze stilte lijkt te wachten tot ik een richting kies. Niet omdat het leven mij daartoe uitnodigt, maar omdat het alternatief, wegzinken in betekenis- of zinloosheid, nog harder schuurt. In die trage ruimte merkte ik dat geluk niet altijd verschijnt als een spontane emotie, maar soms ook als een innerlijke beslissing om niet volledig te worden meegesleurd door wat misloopt of pijn doet. Dat is geen stoerheid, geen optimistische verpakking van de werkelijkheid, maar een vorm van zacht verzet. Een wijze om het eigen bewustzijn niet volledig te verliezen in de storm. Die gedachte bracht me bij dit essay: geluk als keuze, maar nooit als simplistisch gebod. Eerder als een filosofische toets en oefening in menselijkheid.
De Boeddha: geluk als beoefening, niet als belofte
De Boeddha begint niet bij geluk, maar bij lijden. Dukkha (onbevredigendheid) is geen fout in het systeem; het is de aard van bestaan. Maar precies daarom is de geest trainbaar: niet om pijn te ontkennen, maar om er niet volledig door te worden gedefinieerd. De keuze voor geluk is in dit perspectief een keuze voor helderheid. Een keuze om niet elke gedachte te vertrouwen, niet elke emotie als waarheid te nemen, niet elke teleurstelling tot identiteit te verheffen. Geluk is de vaardigheid om ruimte te maken tussen prikkel en reactie. Een discipline, nooit een statisch eindpunt.
Existentialisme: de verantwoordelijkheid van betekenis
Jean-Paul Sartre stelde dat de mens “veroordeeld is tot vrijheid”: zelfs wanneer we niet kiezen, kiezen we. Maar het existentialisme gaat niet over vrijblijvende positiviteit; het gaat over verantwoordelijkheid voor de interpretaties waarmee we naar ons eigen leven kijken. Simone de Beauvoir benadrukt dat deze vrijheid altijd ingebed is in grenzen: sociale structuren, lichamen, omstandigheden. Voor geluk kiezen betekent dus niet dat alles maakbaar is, maar dat we weigeren onze betekenisgeving volledig uit handen te geven. Zelfs binnen beperkingen blijft er een kleine zone waarin betekenis kan ontstaan.
Viktor Frankl: vrijheid in de laatste menselijke ruimte
Viktor Frankl, overlevende van de concentratiekampen, brengt een noodzakelijke kanttekening aan bij deze gedachte. Hij nuanceert het idee dat geluk eenvoudigweg ‘een keuze’ is, omdat omstandigheden soms menselijk onvoorstelbaar zijn. Maar hij toont wél aan dat er een innerlijke ruimte bestaat die niemand volledig kan afnemen. In die ruimte bevindt zich wat hij de ‘laatste vrijheid’ noemt: de vrijheid om een houding aan te nemen tegenover wat ons wordt aangedaan of overkomt. Het is geen romantische vrijheid, maar een uiterst fragiele. Geen garantie op geluk, maar een manier om niet volledig te breken. Frankl leert ons dat geluk soms ontstaat in de betekenis die we geven aan het lijden dat we niet kunnen vermijden.
Fenomenologie: geluk als manier van zien
Maurice Merleau-Ponty herinnert ons eraan dat ervaring nooit neutraal is. Onze waarneming is een actieve houding, een manier van in de wereld staan die de wereld zelf vormgeeft. Geluk wordt in deze visie zichtbaar in de kwaliteit van onze aandacht. Het gaat om het vermogen om nuances op te merken, om dingen die niet schreeuwen maar fluisteren. Aandacht verandert niets aan de feiten, maar verandert wél de manier waarop de feiten ons raken. De keuze voor geluk is dan een keuze voor een andere manier van kijken.
Positieve psychologie: de kunst van mentale training
Martin Seligman en de positieve psychologie hebben het vaak te eenvoudig voorgesteld, maar hun kernboodschap blijft krachtig: welbevinden is deels trainbaar. Niet als magische oplossing, maar als een reeks mini-keuzes die onze aandacht en emoties in een bepaalde richting bewegen. Dankbaarheid, betrokkenheid en betekenisvol handelen zijn niet simpelweg technieken, maar manieren om de geest een andere default-stand te geven. De keuze voor geluk is hier geen glamour, maar oefening en geduld.
Arendt: geluk als gedeelde wereld
Hannah Arendt maakt duidelijk dat mensen niet alleen bestaan; ze verschijnen aan elkaar. Geluk ontstaat daarom deels in de ruimte tussen mensen, waar spreken en handelen publieke betekenis krijgen. Te kiezen voor geluk betekent ook kiezen voor verantwoordelijkheid binnen een gedeelde wereld, voor handelingen die menselijkheid versterken in plaats van afbreken. Geluk is nooit louter innerlijk; het is ook relationeel en politiek.
Relationele autonomie: vrijheid in verbondenheid
Hedendaagse denkers zoals Martha Nussbaum en Charles Taylor tonen dat autonomie geen isolatie is. We worden gevormd door relaties, verwachtingen en context. Geluk kiezen betekent erkennen dat vrijheid niet buiten afhankelijkheid bestaat, maar er juist dankzij mogelijk wordt. Het is een relationele vrijheid, geen soloproject.
Een persoonlijke nuance: geluk als keuze, maar geen schuld
Het is essentieel, vooral in een tijd waarin welzijn vaak verkocht wordt als product, om expliciet te zeggen dat niet iedereen dezelfde toegang heeft tot die keuze. Mensen met zware lichamelijke of mentale aandoeningen, chronische pijn, degeneratieve ziekten of existentiële uitputting kunnen niet zomaar ‘kiezen’ voor geluk zoals anderen dat kunnen. Hun omstandigheden ontsnappen volledig aan de logica van motiverende oneliners, ze zijn reëel, hard en ongelijk verdeeld.
Dit essay wil dus NIET suggereren dat wie ongelukkig is, faalt of tekortschiet. Geluk als keuze gaat niet over schuld, maar over de kleine restvrijheid die soms overblijft wanneer alles ons wordt afgenomen. Het gaat over de waardigheid van innerlijke ruimte, hoe minuscuul ook, en over de mogelijkheid, niet de verplichting, om die ruimte met betekenis te vullen.
Slot: de keuze die elke dag een andere vorm heeft
Wanneer we zeggen dat geluk een keuze is, bedoelen we dat er íéts is dat we kunnen beïnvloeden, zelfs als dat maar een fractie is. We bedoelen niet dat het leven maakbaar is, niet dat pijn simpel op te heffen valt, nooit dat lijden een persoonlijk falen is. De keuze voor geluk is soms de keuze om de laatste innerlijke ruimte niet op te geven. Om niet volledig te leven in de schaduw van wat ons overkomt. Om het leven, hoe zwaar ook, met een zekere waardigheid te beantwoorden.






